The Son – Philipp Meyer

The SonIk weet werkelijk niet meer hoe deze titel op mijn lijstje te lezen boeken terecht is gekomen. Ongetwijfeld ergens gelezen in een of andere nieuwsbrief van een Amerikaanse boekenwebsite. Of misschien was de nominatie voor de Pulitzer prijs 2014 de trigger. Hoe dan ook, spijt heb ik er in elk geval niet van.

In The Son vertelt Philipp Meyer de familiegeschiedenis van de familie McCullough. Hij gebruikt daarvoor drie personen uit de verschillende generaties van de familie McCullough. ‘Colonel’ Eli Mc Cullough (1836), de patriarch van de familie, die zijn verhaal lijkt te vertellen in een interview. Zo leest het overigens in het geheel niet. Voor zijn zoon Peter McCullough (1870) wordt de dagboekvorm gebruikt en Jeannie McCullough (1926), de kleindochter van Peter, vertelt haar verhaal in de derde persoon.
Het hele verhaal speelt zich af tegen de ontwikkeling van de staat Texas. De McCulloughs komen er als pioniers en verdienen de kost uiteindelijk in de olieproductie.

The Son is een stevig boek met een sterke verhaallijn en sterke karakters. Het geeft een goed beeld van de strijd om het bestaan in Texas. Alhoewel de drie verhaallijnen allemaal boeiend zijn, sprak het verhaal van Eli McCullough me het meeste aan. Hij ziet eerst hoe zijn hele familie wordt uitgemoord en wordt daarna zelf gevangen genomen door de Comanches. Meyer gebruikt de overlevingstocht van Eli om de verschillende kanten  van de strijd tussen pioniers en indianen te laten zien, zonder hierbij partij te kiezen. Peter is bijna het tegengestelde van Eli. Hij blijft zich zijn hele leven schamen voor het aandeel dat zijn familie heeft gehad in de moordpartij op hun Mexicaanse buren. Met Jeannie wordt het verhaal compleet. Zij ontwikkelt zich tot de matriarch van de familie.

Ik heb het boek met veel plezier gelezen. Altijd boeiend en het leest lekker door. Voor wie geïnteresseerd is in de ontwikkeling van Amerika vind ik het zeker een aanrader. Van mij krijgt The Son vier sterren.
Philipp Meyer is vooral bekend geworden door zijn boek American Rust (Nederlandse titel: Roest). Een titel die ik zeker aan mijn leeslijstje ga toevoegen want ik ben door The Son nieuwsgierig geworden naar het werk Philipp Meyer.

Philipp Meyer heeft een eigen website.

De Teruggekeerden – Jason Mott

De TeruggekeerdenOorspronkelijke titel: The Returned
Vertaald door Karin Jonkers.

Ik krijg weleens de vraag of het eigenlijk wel leuk is, een boek toegestuurd krijgen om er vervolgens een recensie over te schrijven. Want lees ik dan eigenlijk wel wat ik zelf wil lezen?
Het antwoord is, ja, natuurlijk doe ik dat. Je hebt tenslotte altijd de keuze om je wel of niet aan te melden. Soms is het tegenvaller en een andere keer heb je een topper in handen. Dat zijn natuurlijk wel de leukste recensieboeken.

Het boek dat ik dit keer heb gelezen voor Not Just Any Book hoort wat mij betreft tot de laatste categorie.

De inwoners van Arcadia krijgen, net als op vele andere plaatsen in de wereld, te maken met inwoners die al jaren terug zijn overleden, verongelukt of vermoord en nu levend en wel terugkomen.
Een daarvan is Jacob, de zoon van Lucille en Harold. Jacob is bij een spelletje verdronken in de rivier. Ook Jim en Connie, met hun kinderen Tommy en Hannah zijn ineens weer terug in Arcadia. Het hele gezin is lang geleden in hun eigen huis doodgeschoten. De moordenaar is nooit gevonden.
De bevolking van Arcadia wordt onrustig door de gebeurtenissen. Ze weten niet wat ze met de Teruggekeerden aan moeten en zien ze als een bedreiging. Soms ook niet. Lucille is maar wat blij dat Jacob is teruggekeerd en ziet het als een tweede kans om een goede moeder te zijn. Ze zou graag willen dat hij niet herkenbaar was als een van de Teruggekeerden. Want dat gaat niet onopgemerkt voorbij, “De levenden herkenden de Teruggekeerden feilloos”.
Dominee Peters en agent Bellamy van het onderzoeksbureau roepen de inwoners van Arcadia bijeen in de kerk. Samen proberen zij de bevolking gerust te stellen om onrusten zoals deze zich in andere steden hebben voorgedaan te vermijden, “Dominee Peters keek naar agent Bellamy. Waar God tekortschoot, moest de overheid bijspringen”. De situatie dreigt al snel uit de hand te lopen.

Ik kan me goed voorstellen dat je door het thema, mensen die terugkeren uit de dood, een SciFi- of Fantasyboek verwacht. Dat is het zeker niet. De gebeurtenissen in Arcadia worden door Jason Mott beschreven op een manier waardoor je het idee krijgt dat ze morgen ook in jouw omgeving zouden kunnen plaatsvinden. De teruggekeerden worden als indringers gezien, het worden er teveel. Mensen zijn bang en angst is een slechte raadgever. Zou je je zelf door de angst laten regeren? Hoe zou je zelf reageren als Teruggekeerden het heft in handen lijken te nemen? Terwijl ik het boek las moest ik denken aan de angst die mensen hebben ten aanzien van andersdenkenden, mensen uit een andere cultuur, met een ander geloof. Was dat ook de bedoeling van Mott? Ik weet het niet. Mogelijk dat hij hier in een interview zijn licht over laat schijnen. Dan is er nog de rol van Het Onderzoeksbureau, de aanpak door de overheid. Ik kreeg daar echt een “1984”-gevoel door.

Het boek leest prettig, is boeiend vanaf het begin, nergens langdradig. Korte zinnen, mooi en direct taalgebruik. Een boek dat meer bedoeld is om je aan het denken te zetten dan om een diepgaand verhaal te vertellen. IK ben wel benieuwd naar een volgende roman van Jason Mott. De Teruggekeerden krijgt van mij vier sterren als waardering.

Van het boek is een boektrailer gemaakt.

De Teruggekeerden verschijnt wereldwijd om 27 augustus a.s. Op de website van Not Just Any  Book kun je het eerste hoofdstuk lezen. Bij de Amerikaanse uitgever is de engelse versie te vinden.
Voor Mott is zijn The Returned nu al een succes. Het productiebedrijf van Brad Pitt heeft de rechten gekocht voor een tv-serie, Resurrection. En daar is ook al een trailer van te bekijken.

Jason Mott heeft een eigen website.

Villa Triste – Lucretia Grindle

Villa TristeOorspronkelijke titel: The Villa Triste.
Vertaald door Saskia Peterzon-Kotte.

Hier en daar had ik wat positieve geluiden opgevangen over dit boek en daarom was ik blij met de mogelijkheid om het boek voor de Vrouwenbieb te kunnen recenseren. Met de schrijfster en haar boeken was ik helemaal niet bekend. Een eerste kennismaking dus.

Ik dacht een boek te gaan lezen over het Italië in WO II. Over een familie in oorlogstijd en de gevolgen daarvan op hun leven. Ook na een stukje in het boek te hebben gelezen, verkeerde ik nog steeds in die veronderstelling. Begrijp me niet verkeerd, dat is óók zo, maar ik was verrast toen er ineens een sprong in de tijd werd gemaakt. Van 1943 springen we naar het Florence van 2006 en een oude man blijkt te zijn vermoord. Politiechef Pallioti wordt belast met het onderzoek naar de moordenaar. De roman blijkt ineens ook een thriller te zijn.
Het verhaal gaat weer verder in 1943. De zusjes Caterina en Isabella Gammacio wonen nog thuis. Zij hebben achtereenvolgens te maken met de fascisten van Mussolini en de Duitse bezetter. De zusjes en hun familie proberen ieder op hun eigen manier te helpen bij het in veiligheid brengen van Joden en geallieerden. Het bieden van die hulp heeft uiteindelijk ingrijpende gevolgen.

Het duurt even voor het verband tussen beide verhaallijnen duidelijk wordt. Ik heb dan toch al een vijfde deel van het boek gelezen. Een beetje geduld moet je wel hebben. Je hoeft je niet ongerust te maken de draad kwijt te raken want Grindle heeft het niet gecompliceerd gemaakt. Het is altijd volstrekt duidelijk op welke datum en op welke plaats iets zich afspeelt. Persoonlijk houd ik wel van romans met verschillende verhaallijnen die zich afspelen in heden en verleden. Twee verhaallijnen waarvan je vermoedt dat ze met elkaar te maken zullen hebben maar nog geen idee hoe, nodigen uit tot doorlezen. In mijn geval moet ik me bedwingen om niet steeds sneller te gaan lezen .

Grindle geeft de personages relatief veel aandacht. De politiechef komt er wat bekaaid vanaf maar het verhaal gaat ook niet over hem. Hij is een instrument van de schrijver om de verhaallijnen bij elkaar te brengen.

Het boek is vlot geschreven en leest lekker weg. Daarbij is het ook spannend want bij die ene moord blijft het niet en de clou van het verhaal blijft tot het eind bewaard.
Soms vond ik de zinnen wat al te kort geschreven en wat betreft taalgebruik niet zo sterk. Daarbij is het natuurlijk de vraag of de auteur het zo op papier heeft gezet of dat de vertaler niet zo’n beste dag had. Ik heb de originele versie niet gelezen en kan dit daarom niet beoordelen. Denk bijvoorbeeld aan twee zinnen achter elkaar met “toen” als eerste woord. Maar ook een passage waarbij de zinnen achtereenvolgens beginnen met “hij had”, “hij had”, “maar hij had”, “hij keek”, “als hij snel was” en “hij stak over”. Niet zo heel fraai en het stoort enigszins.

Al met al is Villa Triste een lekker boek om te lezen. Voor mijzelf was er een bewustwording van het feit dat ik eigenlijk niet zoveel weet over Italië in de WO II. Er worden naar mijn idee ook aanmerkelijk minder boeken op de markt gebracht met Italië in WO II als thema dan over Duitsland, Frankrijk of Engeland.

Een diepgaande roman moet je niet verwachten maar als je op zoek bent naar een aardig boek voor op vakantie of in je luie stoel tijdens een regenachtig weekend dan is Villa Triste zeer geschikt.

Lucretia Grindle is geboren in Boston, Massachusetts en ze woonde afwisselend in de VS en in Engeland. Ze is freelance journaliste geweest en debuteerde met de psychologische thriller Nachtschimmen en heeft inmiddels al meerdere titels op haar naam staan.

Vijf – Ursula Poznanski

Oorspronkelijke titel: FünfVijf
Vertaald door Bonella van Beusekom.

Voor Poznanski is dit de eerste thriller voor volwassenen. Om als thrillerauteur bekend te worden onder een breder publiek introduceert Karin Slaughter Poznanski bij haar lezerspubliek via Slaughterhouse.

Ik mocht Vijf lezen voor de Crimezone-leesclub “Van Overzee”.

Het boek heeft een mooie cover die past bij de tekst op de achterflap, “in de vroege ochtendmist wordt in een weiland het lichaam van een vrouw gevonden”. De proloog zorgt direct voor spanning. Wat wil je ook met dit begin “De plek waar zijn linkeroor had gezeten, klopte op het ritme van zijn hartslag. Snel, panisch.”. Maar Poznanski laat meteen zien dat ze ook een mooi sfeerbeeld kan scheppen. “de ochtendmist omhulde haar als een vochtige lijkwade”. Ze heeft een schrijfstijl die weet te boeien, die lekker wegleest.

De gevonden vrouw blijkt te zijn vermoord. Op haar voetzolen zijn getallen getatoeëerd. De rechercheurs Beatrice Kaspary en Florin Wenninger gaan op zoek naar de dader. Ze hebben er een zware dobber aan want het blijft niet bij dit ene slachtoffer. De moordenaar lijkt geocaching als  hobby te hebben. Via gps-coördinaten en raadsels stuurt hij de rechercheurs naar een volgende plek waar hij een “schat” heeft verborgen. Zijn het willekeurig gekozen slachtoffers of is er een verband?

En wat vond ik er van. Ik heb het boek met veel plezier gelezen. Het is een lekker pageturner (hebben we daar eigenlijk al een mooi Nederlands woord voor?), moeilijk weg te leggen want Poznanski weet de lezer in het boek te trekken en mee te sleuren naar de ontknoping. De karakters zijn sympathiek. Ze spreken elkaar wat formeler aan dan wij gewend zijn (met de achternaam) en dat is even wennen. Soms past het taalgebruik daar niet helemaal bij. Ik heb het origineel niet gelezen dus ik kan niet beoordelen of dat een tekortkoming is van de auteur of van de vertaler. De schrijfster probeert de karakters iets meer diepgang te geven. Zo blijkt Beatrice een echtscheiding achter de rug te hebben en min of meer te worden gestalkt. Maar dat komt niet zo uit de verf. Soms mis ik dat, hier niet. De verhaallijn is complex en de plot verrassend. Daarbij is geocaching als rode draad voor de moordenaar erg origineel wat het verhaal een extra dimensie geeft. Ook de nummering van de hoofdstukken, de latitude en longitude coördinaten draagt bij aan het verhaal. Helemaal als bij het intoetsen van de coördinaten op Google/maps ook nog blijkt dat deze de in het boek bedoelde plek werkelijk aangeven en daarmee laten zien hoe de omgeving van het misdrijf eruit ziet. Je ziet Beatrice en Florin nog net niet rondlopen.

Wat mij betreft is de kennismaking met Ursual Poznaski geslaagd. Karin Slaughter heeft haar boek terecht onder de aandacht gebracht. Een goede thriller, 4 sterren is mijn waardering. Ik kijk uit naar haar volgende boek. Toch nog een opmerking. Die term “literaire thriller”, kunnen we daar ook vanaf?

Ursula Poznanski heeft een eigen website.
En de geocaching gemeenschap die in het boek steeds terugkomt? Die is er ook echt, geocaching.com.
Maar let op, zoals in het boek staat, je account kan nooit worden verwijderd alleen “disabled”.

Dit Zijn de Namen – Tommy Wieringa

Dit zijn de namenVoor mijn IRL-leesclub las ik Dit zijn de namen van Tommy Wieringa. Mijn eerste boek van Wieringa. Totaal anders dan zijn vorige boeken, las ik in recensies.

De titel roept vragen op. Dit zijn de namen. De namen van wie? In een interview (link) geeft Wieringa zelf het antwoord. De titel is het begin van de eerste zin van het bijbelboek Exodus, waarin het verhaal wordt verteld van het vertrek van het Israëlische volk uit Egypte naar het Beloofde Land. Zij dragen gedurende die reis het gebeente van Jozef met zich mee.

Het verhaal begint in het najaar. Twee verhaallijnen die geen verband lijken te hebben. De 53-jarige politiecommissaris Pontus Beg bekommert zich in Michailopol om de begrafenis van de een overleden rabbijn en gaat op zoek naar zijn eigen roots. Hij herinnert zich een kinderliedje uit zijn jeugd en vraagt zich af of hij zelfs soms van joodse afkomst is. Tegelijkertijd trekt een groep gelukzoekers over de steppe. Een tocht waaraan geen eind lijkt te komen en die slechts door een klein deel van de groep wordt overleefd. Vreemd genoeg heeft slechts een van hen een naam, de anderen wordt aangeduid als oertypes zoals de lange man, de stroper, de jongen en de vrouw. Na een barre tocht bereiken zij Michailopol. Voor de groep vluchtelingen wordt dit de teleurstelling van hun leven, voor Pontus Beg betekent de komst van de groep het begin van een onderzoek naar een misdrijf.

Ik zal eerlijk bekennen dat het interview met Tommy Wieringa mij heeft geholpen het verhaal te begrijpen. Daarbij doel ik vooral op de verwijzingen naar de bijbel. Zelf in het geheel niet bijbelvast, want niet gelovig opgevoed, zou de verwijzing van de titel naar het bijbelboek Exodus mij zonder dat interview geheel zijn ontgaan. Dat had voor de waardering van het boek wel uitgemaakt omdat daarmee ook andere bijbelse symboliek onopgemerkt zou zijn gebleven. En is het toeval dat ook het Eerste Boek van Henoch (ook bekend als het Ethiopisch Boek van Henoch) met deze woorden begint?

Wieringa bouwt het verhaal minutieus op. Hij gebruikt daarbij prachtige beelden en mooie metaforen. Soms in een vrij korte zin als “de dag was gaandeweg vertraagd en nu helemaal tot stilstand gekomen”, “het park lag in witte onschuld aan zijn voeten” en “terwijl hij zich door de steppe sleepte, werd hij gestoken door de horzels van zijn gedachten”. Dan weer een langere omschrijving, “ze leeft met haar rug naar de toekomst, over de herinneringen aan haar zware bestaan ginds schijnt nu al de zachte gloed van heimwee”.

Voor mij was het boek tot het samenkomen van de verhaallijnen het meest intrigerend. De sfeer die om Pontus Beg heen wordt gecreëerd. Zijn relatie met de huishoudster en discussie met de rabbijn. De groep gelukzoekers die door honger en kou steeds primitiever, bijna dierlijk gaat acteren en daarmee laat zien wat er met mensen gebeurt als ze niets meer te verliezen hebben en radeloos zijn, de kwetsbaarheid. Iets wat wordt versterkt doordat de personen geen namen hebben, anoniem blijven. Toch is ook het laatste deel, het onderzoek van Beg naar de groep, zeer de moeite waard. Hij stelt de vragen die ook in het hoofd van de lezer zijn opgekomen. En roept er door zijn onderzoek even zovele op, vragen naar afkomst, lot en geloof.

In het interview vertelt Wieringa dat hij zichzelf wilde bewijzen dat hij het ontstaan van nieuw geloof kon laten zien. Naar mijn idee is hij daar in geslaagd. Voor de gelukzoekers is een hoofd uiteindelijk een talisman, de kiem van een geloof. Zoals de vrouw zegt “je hoeft niet alles te begrijpen, zei de vrouw. Het is genoeg dat het gebeurd is. Je kunt onmogelijk alles begrijpen. We hoeven alleen maar dankbaar te zijn”.

Mijn oordeel, vier sterren. En bekijk vooral het interview met Tommy Wieringa.

Het Keukenhuis – Kathleen Grissom

keukenhuisOorspronkelijke titel: The Kitchen House
Vertaald door Astrid Huisman.

Ik was de gelukkige die Het Keukenhuis voor de boekgrrls mocht recenseren en dat was zeker geen straf, ik het boek met veel plezier gelezen.

Het verhaal gaat over de zevenjarige Lavinia. Ze komt uit Ierland. Haar ouders hoopten in Noord-Amerika een beter leven te vinden. Helaas is Lavinia de enige die de reis overleeft en zij komt in Virginia op de plantage van kapitein Pyke terecht. Pyke vraagt Belle, zijn buitenechtelijke halfblanke dochter, om voor het meisje te zorgen. Ze groeit op bij de slaven in het keukenhuis, een apart huis op enige afstand van het grote plantagehuis. Het is voor Lavinia een hele opgave om zich in deze nieuwe wereld te gaan thuisvoelen.

Grissom heeft ervoor gekozen om Belle en Lavinia afwisselend hun verhaal te laten vertellen. Soms  vullen hun verhalen elkaar aan, soms betreffen ze dezelfde gebeurtenis. Door deze keuze wordt het contrast tussen de werelden van de halfzware Belle en de blanke Lavinia heel duidelijk.

Het boek leest lekker weg, beeldend geschreven, goed uitgewerkte personages en veel aandacht voor situatiebeschrijvingen. Het verhaal is boeiend genoeg om door te willen lezen. Er gebeurt veel, soms bijna teveel. Altijd wel iets waarvan je wilt weten hoe het afloopt. Ergens in mijn aantekeningen vond ik terug “het verhaal van de vrouwen die voor andermans kinderen zorgen”. In verreweg de meeste gevallen is het zo dat de zorg over een kind om de een of andere reden aan een ander wordt toevertrouwd. Een boek met weinig geluk. Dat geldt zowel voor de slaven als de blanken. Ze krijgen allemaal hun deel in de ellende. Ik zal niet verklappen of er toch nog ruimte is voor een “happy end”.

Omdat Lavinia niet alleen wordt toevertrouwd aan de zorg van een halfblanke vrouw maar ook opgroeit tussen de zwarte slaven heb ik lang gedacht dat Lavinia ook mulat of zwart was. Ik had altijd de indruk dat blanke kinderen weliswaar aan de zorg van een zwart kindermeisje werden toevertrouwd maar dat ze verder in een blanke omgeving opgroeiden omdat het in die tijd vrijwel was uitgesloten dat blanke kinderen bij de slaven woonden. Misschien vergis ik me daarin of heeft de schrijfster hiervoor gekozen omdat Lavinia een weeskind was en daardoor toch een buitenbeentje.

Wat opvalt is het buitengewoon volwassen taalgebruik van Lavinia en de gebroken taal van de slaven. Tenminste ik hoor een 7-jarig kind niet zo snel zeggen “terwijl de gouden gespen op haar schoenen schitterden alsof ze vlam hadden gevat door de zon” of “het viel me op dat haar taille, als ze naar voren leunde om het suikerblok te snijden, naar boven toe uitdijde tot een royale boezem en haar een bevallige vorm gaf”. Maar goed, een heel boek vol kindertaal zou er waarschijnlijk alleen maar toe hebben geleid dat ik het boek had weggelegd.
Wat ik storend vond was de gebroken taal van de slaven. Afrikaans behoort niet tot de talen die ik beheers maar tijdens het lezen had ik steeds het gevoel in Zuid-Afrika te zijn beland. Ik heb nog even gespiekt op de website http://www.afrikaans.nu en zie daar inderdaad sterke overeenkomsten. Ik vond dat jammer, het gaat ten koste van de beleving van de wereld waarin Lavinia is terecht gekomen. Daarom is het wat mij betreft een minder gelukkige keuze. Mogelijk dat het in de originele versie minder storend is.

Alles bij elkaar is mijn oordeel positief, Het Keukenhuis is een aanrader, 4 sterren.

Grip – Stephan Enter

Grip was een van de keuzeboeken van leesclub Hoofdletters. Maar ook zonder dat was ik dit boek toch wel gaan lezen als gevolg van alle enthousiaste commentaren die Grip van anderen kreeg.

Stephan Enter debuteerde in 1999 met Winterhanden, een verhalenbundel. Sindsdien verschijnen zijn publicaties op de shortlist voor verschillende prijzen. Ook Grip is enthousiast ontvangen en hiervoor heeft Enter inmiddels de prijs van de Gouden Boekenuil Lezersjury en de F. Bordewijkprijs mogen ontvangen.

De hoofdpersonen van Grip zijn drie mannen en een vrouw. Zij hebben 20 jaar geleden een zwerftocht gemaakt in Noorwegen en tijdens deze tocht is er iets gebeurd. Nu, 2007, is er een reünie gepland. Paul en Vincent zijn samen met de trein onderweg naar Wales, naar Martin en Lotte. Zij zijn inmiddels getrouwd. Bij gebrek aan wereldnieuws wordt in alle kranten melding gemaakt van een Amerikaanse hoogleraar die voorspelt dat mensen over twintig onsterfelijk kunnen zijn.

Het boek is opgebouwd uit drie delen en een epiloog. Na elk deel verschuift het perspectief naar een ander personage zodat de gebeurtenissen telkens vanuit een ander gezichtspunt worden verteld. Alleen Lotte, die komt niet aan het woord. Paul, Vincent en Martin waren allemaal op de een of andere manier in haar ban. Uit hun verhalen en herinneringen blijkt dat wat toen gebeurd is een belangrijke rol heeft gespeeld in hun verdere leven. Het artikel over de onsterfelijkheid loopt als een rode draad door het hele verhaal.

De schrijfstijl van Enter bevalt me wel. Het is vlot geschreven en ik hou wel van zinnen als “Paul bedankte met een glimlach maar stuitte op de kersrode streep van haar mond”.  Het boek heeft veel spanning. Door de flashbacks weten we dat er bij de zwerftocht 20 jaar geleden iets is gebeurd maar wat dat dan is geweest, dat blijft lang onduidelijk. Daarbij gaat er ook iets gebeuren, de dreiging is voelbaar.

Door het wisselende perspectief heeft Enter de mogelijkheid gecreëerd om te laten zien hoe dezelfde gebeurtenis door verschillende personen anders wordt beleefd. En hoe dat later anders in hun herinneringen naar boven komt. Maar ook blijkt hoe verkeerd mensen elkaar kunnen begrijpen. Hoe ze denken de ander te kennen en te weten wat hun beweegreden is terwijl ze er feitelijk helemaal naast zitten.

De personages vind ik stuk voor stuk weinig sympathiek. Niemand lijkt echt authentiek te zijn. Ze spelen een spel, zijn voortdurend met zichzelf bezig. Misschien is Lotte een uitzondering maar die komt niet aan het woord en we kennen haar daardoor alleen uit de verhalen van de drie mannen.

Ik heb het boek met plezier gelezen. De stijl bevalt me, de spanning, de dreiging, het spelen met perspectief en tijdschema. Ondanks de flashbacks is er toch een duidelijke verhaallijn, de lentedag in 2007, de aanloop naar de reünie. De personages leer je door de opzet van het boek goed kennen. Enter heeft goed over zijn hoofdpersonen nagedacht en ze zijn nauwgezet uitgewerkt. De keuze om juist Lotte, die zo’n belangrijke rol in de levens van de drie mannen heeft gehad, niet aan het woord te laten, is briljant. Met haar verhaal zou het een totaal ander boek zijn geworden. Mijn oordeel, vier sterren.

Stephan Enter heeft een eigen website. Op 7 december 2011 was hij voor een interview bij Knetterende Letteren.